Wat maakt een plek eigenlijk tot thuis?
Is het de structuur van een huis, of zijn het de herinneringen, emoties en relaties die ermee verbonden zijn?
In dit werk wordt de betekenis van thuis onderzocht aan de hand van persoonlijke verhalen van ouderen. Hun perspectieven leggen vier terugkerende verbanden bloot: spullen, tijd, plek en mensen.
Alle verhalen samen vormen een puzzel. Een lijn die zich langzaam aftekent: thuis begint bij jezelf en wordt bepaald door jouw tijd.
Maar tijd is niets tastbaars. Wat jij ziet, is anders dan wat een ander ziet. Om dat te verbeelden, is de spiegel letterlijk ontleed: glas, reflectielaag, achterlaag. Tussen de onderdelen ontstaat ruimte. Tijd wordt zichtbaar als tussenruimte.